zondag 7 november 2021

Waalhaven panorama 


Om eens een flinke panorama te maken ben ik met een Fuji GFX100 naar de Waalhaven op Rotterdam-Zuid gegaan. De Fuji GFX100 is een 102 megapixel camera met een sensor van 43,8mm x 32,9mm en maakt RAW files van 11648 x 8736 pixels. De voor deze panorama gebruikte lens is de Fuji GF63mmF2.8 R WR, de "Standaard lens"voor de GFX serie, wat ongeveer overeenkomt met de 50mm op kleinbeeld. 

Op zich is het een panorama met weinig foto’s, in totaal 9 stuks horizontaal genomen. Deze foto’s zijn aan elkaar geplakt in Photoshop en het uiteindelijke resultaat is een foto van 53106x8747 pixels, ofwel 449,63cm x 74,06 cm. Hieronder de foto maar dan verkleind naar 2566 pixels, dat is gewoon 53106 gedeeld door 20.
Om nu de kwaliteit te bekijken post ik nu een aantal detailopnames van de originele panorama op 100%, de uitsneden zijn 2500x1333 pixels en zijn van links naar rechts.


zondag 3 oktober 2021

 De kruisspin (Araneus diadematus)



De jaargetijden gaan weer langzaam in elkaar overlopen en wordt de zomer langzaamaan aan herfst. En dit kenmerkt zich door een aantal zaken. De dagen worden korter. Bomen en planten krijgen herfstkleuren. Sommige dieren maken zich klaar voor de winterslaap. Trekvogels trekken naar warmere gebieden om te overwinteren. Er schieten overal paddenstoelen tevoorschijn, enzovoort. Eén kenmerk waar ik het in dit artikel over wil hebben, is dat het in de herfst lijkt of er veel meer spinnen en spinnenwebben zijn. Vooral de Kruisspin is in grote aantallen zichtbaar.

Nu heb ik al eens eerder een artikel geschreven over de kruisspin in 2016 (https://denatuurin.digitoo.nl/56b88e6652bc0509db166889/4)  maar het is en blijft een fascinerend diertje, behalve dan voor arachnofoben. Met dit artikel ga ik wat dieper in op deze spin. Meteen een *spoiler-alert*  voor diegenen die de kriebels van spinnen krijgen, er komen duidelijke foto’s van spinnen verderop in dit artikel.

Spinnen zijn geen specifieke herfst dieren, het lijkt alleen of er in deze periode veel meer zijn. Er zit minder groen aan bomen en struiken, door de stand van de zon valt het licht zo mooi op de spinnenwebben en spinnen zijn ook groter zijn geworden en vallen daardoor meer op. Als je door de natuur of je tuin loopt zie je, en vooral ook voel je, overal webben en draden.


300mm 1/125 sec. f/4 ISO 100

Bij mij in de tuin lijkt het of er, behalve hordes slakken, alleen maar kruisspinnen wonen.  De kruisspin is een middelgrote spin en de naam is te danken een aantal witte vlekjes op het achterlijf die op een kruis lijken. De kruisspin is een spin die vaak pontificaal in het midden van het web zit en door de grootte van de spin ook nog eens moeilijk over het hoofd te zien is. In 2010 was de kruisspin door de Europese Arachnologische Vereniging uitgeroepen tot spin van het jaar.  De kruisspin varieert  in kleur van bruin tot grijs en zwart. Ook zijn er veel onderlinge verschillen in het kruis patroon.

Links: 300mm 1/250 sec. f/6.3 ISO 200
  Rechts: 300mm 1/125 sec. f/4.5 ISO 640


De poten zijn stekelig behaard, voor grip en tast, waarbij de voorste poten het langst zijn. De kruisspin heeft acht ogen. Deze zijn donker en glanzend. Het achterlijf is driehoekig van vorm en bij de vrouwtjes is deze groter dan de mannetjes. Aan de onderkant bevinden zich de spintepels. Dit zijn de organen waarmee verschillende webdraden worden geproduceerd. Stevige en niet-kleverige draden om het frame van het web te maken en de kwetsbare eitjes te voorzien van een beschermlaag en kleverige vangdraden om prooien in het web te vangen.

Links: 100mm macro 1/15 sec. f/10 ISO 100
   Rechts: 100mm macro 1/30 sec. f/16  ISO 100


De kruisspin is te herkennen aan de lichte vlekken op het achterlijf. Vrijwel alle exemplaren hebben een duidelijk kruisvormige groepering van de vlekken, Het kruis wordt gevormd door een groep lichte tot witte vlekken. De Latijnse naam Araneus diadematus betekent: spin met een kroontje. Bij de volgende foto zijn de vlekken duidelijk te zien.

Foto-  4

: 100mm macro 1/60 sec. f/11 ISO 800

De kruisspin is een groot deel van het leven bezig met het web en in hun tweede levensjaar kunnen de vrouwtjes behoorlijk grote spinnenwebben maken. Omdat het web makkelijk beschadigd en vervuild raakt moet het iedere dag vervangen worden. Ook omdat de draden snel uitdrogen en prooien die gevangen worden het web beschadigen. De kruisspin bouwt het verticaal hangende web op enige hoogte en vangt voornamelijk vliegende insecten. De vrouwtjes blijven in hun web terwijl mannetjes naar een vrouwtje op zoek gaan. De spin hangt ondersteboven in het centrum van het web geduldig te wachten tot er een prooi het web in vliegt. De meeste prooien zijn dan ook vliegende insecten.

300mm 1/160 sec. f/6.3 ISO 640

Zodra een prooi in het web vast zit wordt de spin gewaarschuwd door de trillingen van het web. De spin snelt zich naar de prooi en wikkelt deze in spinsel. Pas daarna wordt de beet toegediend die de prooi verlamt. De onderstaande foto is een ingesponnen prooi en was waarschijnlijk een nachtvlinder. Deze hing in een web in mijn schuurtje en lag een dag later op de grond. Waarschijnlijk was het te zwaar voor het web. Jammer voor de spin want dit was zo te zien een flinke maaltijd.


100mm macro 1/50 sec. f/16 ISO 100

Tijdens de jaarlijkse spinnentelling van 11 en 12 september, kwam de kruisspin als winnaar uit de bus. Gevolgd door de grote trilspin en de gewone huisspin. Er zijn gemiddeld per tuin meer kruisspinnen geteld dan in de afgelopen zomers. Hoewel veel mensen rillen bij de gedachte aan spinnen zijn het zeer nuttige dieren want ze ruimen veel insecten op, ook die ons  ’s-nachts uit onze slaap houden. Als je dan moet kiezen uit twee “kwaden” kies er dan voor om spinnen maar zoveel mogelijk met rust te laten.

Dit artikel is ook verschenen in de 37e editie van DeNatuurIn












 


vrijdag 23 juli 2021

 

Eerste test vergroterobjectieven.

Nu ik een aantal verschillende vergroterobjectieven in mijn bezit heb wordt het als eerste tijd om de verschillende vergrotingen te testen. Dit is een simpele test zonder extra handelingen of verlichting er wordt niet gekeken naar scherpte of kleur alleen naar de mate van vergroting.

Het onderwerp is een munt van 2 eurocent. Alles is genomen bij bestaand licht en bij alle objectieven staat het diafragma ingesteld op f/8.0. Alle foto’s zijn SOOC (straight out of camera) dat wil zeggen geen crop of aanpassingen. De foto's zijn alleen, voor de blog, verkleind naar 1500pixels 

De gebruikte lenzen:

Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N
Rodenstock Rodagon 50mm f/2.8
Rodenstock Rodagon 60mm f/4.0
Schneider-Kreuznach Componar 75mm f/4.5
Rodenstock Rogonar-S 90mm f/4.5
Rodenstock Rogonar-S 105mm f/4.5
Rodenstock Rodagon 135mm f/5.6

De test:

Foto 1: Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N minimale vergroting


Foto 2: Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N maximale vergroting

Foto 3: Rodenstock Rodagon 50mm f/2.8 minimale vergroting

Foto 4 Rodenstock Rodagon 50mm f/2.8 maximale vergroting

Foto 5: Rodenstock Rodagon 60mm f/4.0 minimale vergroting


Foto 6: Rodenstock Rodagon 60mm f/4.0 maximale vergroting

Foto 7:Schneider-Kreuznach Componar 75mm f/4.5 minimale vergroting

Foto 8: Schneider-Kreuznach Componar 75mm f/4.5 maximale vergroting

Vanaf hier heb ik geen foto's meer gemaakt met de minimale vergroting. Dit in verband met de grote afstand van de camera tot het onderwerp. De munt wordt dan steeds "kleiner" en dat heeft voor deze test geen meerwaarde.

                               Foto 9: Rodenstock Rogonar-S 90mm f/4.5 maximale vergroting


Foto 10: Rodenstock Rogonar-S 105mm f/4.5 maximale vergroting

Foto 11: Rodenstock Rodagon 135mm f/5.6 maximale vergroting

Een paar snelle conclusies:


Hoe groter de brandpuntsafstand hoe verder de camera van het onderwerp af moet staan.

De maximale vergroting van de Rodenstock Rogonar-S 105mm f/4.5  komt overeen met de minimale vergroting van de Rodenstock Rodagon 50mm f/2.8 en de Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N.  


De maximale vergroting van de Rodenstock Rodagon 135mm f/5.6  komt ongeveer overeen met de minimale vergroting van de Rodenstock Rodagon 60mm f/2.8.


Dat kan kloppen, 2 x 50mm is 100mm, dat is bijna 105mm en 2 x 60mm is 120mm, wat weer in de buurt komt van de 135mm

Voor maximale vergroting ga je dus voor een objectief met een korte brandpuntsafstand. Dus 50mm of kleiner zoals 35mm of 40mm. Voor meer afstand tot je onderwerp, bijvoorbeeld vlinders die je niet wil afschrikken dan kies je voor langere brandpunten.





zondag 27 juni 2021

Macro met vergroter objectief.

Intro:

In een eerdere blogpost, de krokus dichtbij, heb ik al een paar foto’s laten zien die gemaakt zijn met behulp van een macro balg. In deze post ga ik hier op door en doe ik een test met vergroter objectieven. Nomaliter gebruik je op een balg een “gewoon” foto objectief en daarmee krijg je al aardige vergrotingen Minolta MD Rokkor 50mm f/1.4.

Minolta MD Rokkor 50mm f/1.4 op f/16

Normaal gesproken wil je bij dit soort macro opnames zo veel mogelijk scherpte.
Of door een kleine diafragma opening te gebruiken f/16, f/22, f/32 enz., of door focusstacking.
Maar ook bij volle opening van de lens, in dit geval f/1.4 kan je creatieve effecten bereiken. Zoals bij onderstaande foto van een Robbertskruid bloem.

 

Minolta MD Rokkor 50mm f/1.4 op f/1.4

Een andere manier is het gebruik van vergroter objectieven. Een vergroter objectief is speciaal ontworpen om licht door een negatief op een vel printpapier te projecteren zodat je een afdruk kan maken, maar verder is het qua constructie een gewoon objectief alleen zonder de gebruikelijke scherpstelling. De scherpstelling wordt in een vergroter geregeld door het objectief dichter of verder van het negatief te draaien. Op dezelfde manier werkt ook een macrobalg. Een vergroterobjectief kan je dus niet scherpstellen zonder hulpmiddel. Op een camera gemonteerd via bijvoorbeeld tussenringen moet je om scherp te stellen de hele camera naar voren of achteren bewegen. En balg lost dit op. Verder betekend hoe groter de afstand tussen objectief en sensor hoe groter de vergroting.

Nu ben ik zelf al in het bezit van een oud vergroter objectief namelijk een Schneider-Kreuznach Componar 75mm f/4.5 en daarmee zijn al leuke resultaten te behalen.



Schneider-Kreuznach Componar 75mm f/4.5

Deze lens is waarschijnlijk ergens uit de jaren 60. Om te vergelijken heb ik twee Rodenstock vergroter objectieven geleend. Een Rodenstock Rodagon 50mm f/2.8 en een Rodenstock Rodagon 80mm f/4.0 Normaal gesproken wordt een 50mm gebruikt om 35mm kleinbeeld negatieven en dia’s af te drukken terwijl de 80mm meer bedoeld is voor midden formaat.



Het voordeel van de meeste Rodenstock en Schneider series is dat ze redelijk goedkoop te krijgen zijn. Van gemiddeld € 50,00 tot € 125,00. Een top kwaliteit qua kleur en scherpte krijg je bij de APO uitvoeringen van Schneider en Rodenstock maar reken dan op prijzen vanaf € 300,00 – € 400,00.

De tests:

Omdat ik zelf de Schneider al heb ga ik met de test alleen de Rodenstocks gebruiken.
De camera is een Fuji Xpro-2 uitgerust met een Minolta Auto-Bellows III.  Als verlichting gebruik ik LumeCube 2.0 LED lampen. Het geheel staat op een Platypod Max, dat is een handig hulpstuk om bijvoorbeeld heel laag te fotograferen of in mijn geval boven op een dressoir te gebruiken. Dit is ook zo beetje mijn meest gebruikte macro opstelling zoals de volgende foto laat zien. Alleen is op de foto de camera een Sony A7SIIIdie ik toen een weekend te leen had.



Test 1:

In plaats van de bloem van bovenstaande foto begin ik met een eenvoudige test een munt van 5 Eurocent. Deze klem ik in het derde handje maak een foto met beide objectieven om het verschil van vergroting te zien. De Rodenstock objectieven hebben een schroefdraad van 39mm voor in de vergroter. Om op de balg aan te sluiten heb ik een verloopring van M39 naar M42 voor op de objectieven en vandaar weer een M42 naar Minolta MD verloopadapter.




Wat meteen opvalt is dat de vergroting van de 50mm al beduidend groter is van de 80mm. Ook is de afstand frontlens onderwerp bij deze 50mm een stuk kleiner. Bij beide foto's is de balg helemaal uitgetrokken wat betekend dat het dan ook meteen de maximale vergroting is.

Test 2:

Een andere mogelijkheid voor nog meer vergroting is een objectief omgekeerd te gebruiken. Dus met de voorkant in de balg. Omdat ik niet de juiste verloopring heb, de frontring van de Rodenstock objectieven zijn 40.5mm, gebruik ik een tussenring op de balg. Daar doe ik het objectief omgekeerd in en plak ik deze tijdelijk vast met wat strookjes gaffertape.

De "gewone" manier

Met omgekeerd objectief

Bij deze test, een paar dagen later, gebruikte ik ter afwisseling een accu van de Sony A99II.
Als onderwerp stel ik in op een recycle icoon op deze accu. 


De eerste opname is met de 50mm en dan zoals normaal dus met de het schroefdraad in de balg.


De tweede opname is met het objectief omgekeerd op de balg. Wat te zien is dat er iunderdaad wat meer vergroting is. Qua kwaliteit en scherpte is er geen verschil.


Het zelfde doe ik met de 80mm


Ook hier is met het omgekeerde objectief wat meer vergroting te zien.


Op zich is er met beide objectieven en beide opstellingen goed te werken. Hoe kleiner het brandpuntafstand van het objectief hoe groter de vergroting en hoe korter de afstand. De 80mm is dan meer geschikt voor wat grotere onderwerpen zoals bloemen en de 50mm voor de kleinere onderwerpen zoals of details of insecten.

Wel ga ik op zoek naar een koppelring 40,5 mm naar of M39 of M42 zodat ik bij het gebruik van omgekeerde objectieven deze niet meer hoef vast te plakken.  

Vervolg:

Een optie voor nog meer vergroting is de techniek om twee objectieven op elkaar te monteren.
Dus een objectief op de normale manier in de balg en de ander daar dan omgekeerd op.


Daar is een koppelring van 40,5 mm naar 40,5 mm voor nodig. Die heb ik nog niet en met tape aan elkaar plakken gaat niet goed in verband met het gewicht van de objectieven. Dus dus dat wordt een onderwerp voor een latere datum.

Extra info:

De meeste informatie over allerlei macrotechnieken vindt je uiteraard op het internet. Een site waar ik veel informatie vandaan haal is de Engelse site Extreme Macro 

Oh, en mocht je nieuwsgierig zijn naar het eindresultaat van de complete macro opstelling met de Sony A7SIII?  Die volgt hier.


Sony A7SIII met balg en Rodenstock 80mm f/4.0 op f/22


Update:

Omdat de 2 Rodenstock geleend zijn ben ik op zoek gegaan naar vergroterobjectieven om te kopen. Mijn oog is als eerste gevallen op een Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N. Deze heeft een goede kwaliteit, (ook al ontlopen de "standaard" vergroter objectieven elkaar niet zo) en heeft als voordeel dat deze ook voor UV-fotografie geschikt is. Ik heb er ondertussen een gevonden, dus wordt-vervolgd.

Update 2, 22 juli 2021:

Het gaat soms snel, niet alleen heb ik een Nikon EL-Nikkor 50mm f/2.8N gekocht maar ook een "set" Rodenstock objectieven: Rodagon 50mm f/2.8, Rodagon 60mm f/4.0, Rogonar-S 90mm f/4.5, Rogonar-S 105mm en Rodagon 135mm f/5.6.





zaterdag 5 juni 2021

De zachte lente.

 

Als je denkt aan een zachte lente dan denk je waarschijnlijk als eerste aan zacht en aangenaam weer.
In de lente vertaald zich dat meestal in (te) koude temperaturen en (te) veel regen. Dat was ook niet veel anders de afgelopen tijd. Wat hebben we allemaal gehad? Een beetje zon, een aardige hoeveelheid regen afgewisseld met hagel een zelfs redelijk wat sneeuw. Ja, deze Lente was niet alleen zacht maar ook heel divers qua weersomstandigheden. Nu is er iets ook wat ik noem “fotografisch zacht”. Dat zijn foto’s die een zachte en dromerige sfeer uitstralen. Als je bijvoorbeeld landschappen of bloemen wil fotograferen met deze romantische sfeer, dan zijn er een aantal mogelijkheden om dat te creëren.

Als eerste is er een hulpmiddel vanuit de natuur zelf, namelijk mist. Mist is een weersverschijnsel waarbij kleine waterdruppeltjes door de lucht zweven wat de zicht beperkt maar voor fotografen wel weer sfeer geeft. Er zijn wat verschillende soorten. We beginnen met nevel, daarbij heb je zicht van meer dan 1000 meter. Dan krijgen we mist, dat is zicht van minder dan 1000 meter. Vervolgens dichte mist, zicht minder dan 200 meter en als laatste zeer dichte mist, zicht minder dan 50 meter. Een mistbank, mistsliert of mistflard is mist die door wind langzaam van plaats verandert.


                                                              100mm 1/200 sec. f/6.3 ISO 200

Mist is het softfilter van de natuur. Het voordeel is dat het heel veel sfeer geeft en omdat het elke keer weer anders is, wel weer unieke foto’s geeft. De  overduidelijke nadelen hiervan zijn dat mist niet altijd voorhanden is en dat je er geen enkele controle over hebt.

Wil je wel controle dan zijn er een aantal mogelijkheden. Onder andere een speciale softfocus lens, een speciaal softfocus filter of je maakt wat zelf.

Een Softfocus lens is een speciale lens die, zoals de naam het al zegt, een softfocus effect creëert. Dit softfocus effect wordt vaak gebruikt bij portret- en glamourfotografie. Dit omdat het over het algemeen een droomachtig beeld produceert en ook allerlei oneffenheden in de huid maskeert.
De softfocus lens die ik gebruik is een Lensbaby Velvet 85mm f/1.8. Deze lens geeft een softfocus effect bij de volle opening van f/1.8 en naar mate je diafragmeert naar f/16 verdwijnt het effect weer.


Lensbaby Velvet 85mm 1/1000 sec. F/1.8 ISO 100

Nu is een softfocus lens wel weer een wat duurdere uitgave en heeft zo’n lens een beperkt gebruik maar Je kan een softfocus effect ook goedkopere manier bereiken. Bijvoorbeeld door een softfilter op je lens te schroeven. Dat is een oplossing voor als je eens af en toe zo’n soort foto wil maken. Wil je een nog goedkopere oplossing koop dan eens het goedkoopste filter die je kunt vinden, als aanbieding of zelfs op een rommelmarkt. Het maakt niet uit welk merk of dat dit filter al is gebruikt, als het maar op je lens past en ongekleurd is. Dit is meestal een UV of skylight filter. Een kleur- polarisatie- of ND filter werkt niet zo goed. Op dat filter smeer je een beetje vaseline, dat maakt ook een soft effect. Vaseline plakt en kan ook door veelvuldig schoonmaken coating aantasten vandaar dat je dit niet rechtstreeks op je lens moet smeren, vandaar het filter.

Nu zal ik ook eens het verschil tussen deze technieken laten zien. De volgende foto is samengesteld uit 4 opnames waarbij er bij iedere foto een andere techniek is gebruikt.

Van links naar rechts: 1. Een lens zonder filter, 2. Dezelfde lens nu met een softfilter, 3. Dezelfde lens nu met een filter met vaseline, 4. De lensbaby Velvet softfocus lens.

85mm 1/640 sec. f/2.0 en f/1.8 ISO 100

Ook een nylon kous over de voorkant van de lens spannen is trouwens ook een creatieve oplossing. Maar wil je eens een keer de meest goedkope oplossing proberen? Adem dan eens op je lens. Als je wel eens met je camera (en zeker met je bril!) in een tropische ruimte zoals een vlindertuin van een dierentuin bent geweest snap je waarschijnlijk wel wat ik bedoel. Afhankelijk van de buitentemperatuur moet je dan wel heel snel een paar foto’s maken. Want het effect is zo weer weg. Maar ja, dat is dan ook weer een uitdaging om met een simpele handeling weer eens een ander soort foto te maken.

25mm 1/120 sec. f/16 ISO 100

Uiteraard kunnen al deze effecten worden nagemaakt met de computer. Het lijkt er meestal wel op maar deze foto’s maken met een camera is leuker en je bent ook nog eens in de buitenlucht.

Dit artikel is ook verschenen in de 36e editie van DeNatuurIn


Fotografie is niet alleen kijken, maar vooral ook “zien”

“Een wereldstad aan de Maas”. Oftewel Rotterdam, oftewel de stad waar deze fotograaf zijn wortels gevestigd heeft. Pieter heeft een unieke zicht en maakt foto’s op meerdere gebieden. Haven & industrie, natuur & landschappen, of anders architectuur of mensen? Wedden dat er voor u ook iets tussen zit!?

Welkom dus op mijn blog, deze blog maakt deel uit van mijn officiële site: www.pietervanroijen.nl